| De Bordeaux is zonder twijfel één van de belangrijkste wijngebieden ter wereld. Ruim 13.000 wijnboeren produceren op 100.000 hectare een kwart van de Franse wijnplas (660 miljoen flessen), verdeeld over meer dan 50 appellations. De fijnste wijnen zijn afkomstig uit zes gemeenten in de (door Nederlanders "wijnbouwrijp" gemaakte) Médoc, iets ten noorden van Bordeaux: Margaux, Moulis, Listrac, Saint-Julien, Pauillac en Saint-Estéphe.
Maar de streek heeft meer te bieden dan de schier onbereikbare toppers uit de Médoc. Graves en Sauternes, Saint-Emilion, Pomerol, Fronsac en de streek rond Libourne hebben de verwende wijnliefhebber hoogstande en relatief betaalbare wijnen te bieden.
De goed afgewaterde grind- en kalkgronden van de Bordeaux zijn al bijna 2000 jaar het toneel van wijnbouw. De Romeinse poëet Ausonius maakt in 379 melding van zijn wijngaard in Saint-Emilion (het naar hem genoemde Château Ausone meet nu een schamele 7 hectare, goed voor ongeveer 2000 dozen exceptioneel goede wijn per jaar). Vanaf de 13 eeuw is de Graves dominant; de wijnhandel met vooral Engeland (claret) neemt een hoge vlucht. De opkomst van de Médoc dateren we 400 jaar later.
In het milde (zee)klimaat gedijen de Cabernet Sauvignon, Merlot en Cabernet Franc. Zij zorgen voor lang houdbare, milde wijnen die het eerder van subtiliteit dan kracht moeten hebben. De witte wijnen uit het gebied worden gemaakt van Sémillon, Sauvignon en Muscadelle. |