| Langs de border van de Loire, met 1100 kilometer de langste rivier van Frankrijk, ligt een groot aantal uiterst gevarieerdde wijngebieden. De wijnen, van Muscadet in het verre westen tot Pouilly Fumé in het departement Niévre, zijn in de streek zelf en in Parijs zeer gewild; daarbuiten zijn ze ondergewaardeerd, behalve de genoemde Pouilly en de alomtegenwoordige Sancerre.
Het is wel eens anders geweest. In de 6e eeuw maakt de Bisschop van Tours met ontzag melding van Bretonse horden, uit op de verwerving van de wijngaarden en druiven in de tegenwoordige Muscadet (jazeker!). En een half millennium later waren de rode en witte Loirewijnen het ultieme statussymbool op de zwaarbeladen tafels van steenrijke Vlaamse kooplieden. De stad Angers, bijvoorbeeld, dankt zijn rijkdom mede aan de goede smaak van middeleeuwse Vlamingen.
De verschillen in klimaat (continentaal in het oostelijk departement Niévre, Atlantisch in de streken rond Nantes) en de bodem gesteldheid zorgen voor een bijna verwarrende variëteit in druivensoorten: in de Haut-Loire domineren de Sauvignon Blanc en de Pinot Noir. De rivier afzakkend vinden we Cabernet Frank, Chenin Blanc, Cabernet Sauvignon, Malbec, Gamay, Meunier, Pinot Gris, Chardonnay en Melon de Bourgogne.
Daarom zijn de Loire wijnen al even divers. Beendroog, mierzoet, mousserend, kleurloos, donkerpaars, rosé (d'Anjou is beroemd/berucht): het is tussen Nantes en Pouilly-sur Loire allemaal te vinden. Van de hier te lande minder bekende rode Loires zijn vooral de wijnen uit Bourgeuil en Chinon zeker de moeite van het proberen waard. |